RobIn mijn rubriek De Ondernemende Danser geef ik aandacht aan dansers, dansdocenten en choreografen in Nederland die besloten hebben (méér) te ondernemen in de danswereld. Dansprofessionals die het verschil maken en anderen inspireren om niet bij de pakken neer te zitten nu de economie tegenzit, subsidies zijn weggevallen en de concurrentie nogal, Game of Thrones-stijl, moordend is. Ik interviewde danser, zanger, dansdocent én eigenaar van de Danstheaterwinkel in Roosendaal: Rob van de Geijn. Een multi-talent met de hoofdletter M. Enjoy!

Wie is Rob?
In Roosendaal en omstreken is deze dansprofessional inmiddels al een echte household name mede door zijn Danstheaterwinkel in het centrum van de stad. Rob is een veelzijdige man die op verschillende manieren zijn passie voor dans uit en deelt met anderen. Hij begon op een relatief late leeftijd met dansen, maar is sindsdien nooit meer gestopt. Ondanks een aantal tegenslagen, heeft hij altijd doorgezet en dat is niet zonder succes geweest. Hij startte een eigen dansschool, volgde de opleiding Pedagogiek, opende een danswinkel in Roosendaal en was ook nog eens finale kandidaat in de tv-musicalwedstrijd Sunday Night Fever op RTL4. Indrukwekkend en misschien ook wel een beetje gestoord, vooral als je erover nadenkt dat hij tussendoor ook nog een aantal enigszins vitale dingen moest doen zoals eten, slapen en eh..leven. Momenteel verdeelt hij zijn tijd met het geven van danslessen in het onderwijs en bij zijn eigen dansschool, het doen van dansoptredens met zijn vriendin Martine, het runnen van de Danstheaterwinkel én het organiseren van een grootschalig, drie-daags dansfestival in Roosendaal: Roosendaal Danst.

Rob 3Hoe begon je jouw dag vandaag?
“Vrijdag is altijd mijn meest relaxte dag van de week, dus ik kon vandaag een beetje uitslapen en rustig aan doen. Normaliter geef ik in de ochtend lessen bij het basisonderwijs in de regio, heb ik vergaderingen over Roosendaal Danst en ben ik ook nog werkzaam in en voor de winkel. Volle dagen voor mij de laatste tijd, want alles wat ik doe vraagt veel voorbereiding, maar zulke dingen horen bij het dansvak.”

Hoe ben jij ooit in aanraking gekomen met dans?
“Het is niet geheel vreemd dat ik nu werkzaam ben in het dansvak, want ik kom uit een muzikale en kunstzinnige familie. Liefde voor podiumkunsten is er bij mij met de paplepel in gepropt. Bij ons thuis werd er ook altijd muziek gemaakt. Mijn vader had een eigen dans/muziekschool waar ik ook altijd te vinden was. Ik volgde veel verschillende lessen daar en was er toen ik jong was ook heilig van overtuigd dat ik pianist zou gaan worden. De nieuwe Wibi zeg maar, maar dan eh..gewoon Rob. Dit plan veranderde toen mijn broer besloot een keer zijn vingers op pianotoetsen te leggen en hij bleek daar zo waanzinnig veel talent voor te hebben, dat mijn droom eigenlijk werd afgepakt, haha. Als kind zijn dat soort dingen natuurlijk hoogverraad van de meest dramatische categorie en dus liet ik dat levensplan direct vallen. Ik bleef lessen volgen bij de school van mijn vader, altijd glurend bij de danslessen. Als jongen is het een grotere drempel om een dansles binnen te stappen, maar toch besloot ik op mijn 13e mee te gaan doen met musicallessen en dat was zeg maar het begin van het einde. Ik volgde zoveel mogelijk lessen, van ballet tot modern en musical. Bij de docenten bleek deze passie en talent voor dans niet onopgemerkt en zij raadden me aan auditie te gaan doen voor de Opstap in Tilburg (vooropleiding Dans). Ik werd daar aangenomen toen ik 14 was en vanaf dat moment was mijn enige doel om bij Codarts (dansacademie Rotterdam) aangenomen te worden. Dat was het hoogst haalbare en iedereen van de vooropleiding wilde dat, dus ik ook. Ik heb in die tijd keihard gewerkt, ook om mijn ‘dansachterstand’ in te halen en tot mijn blijdschap werd ik op mijn 18e aangenomen op Codarts, Mission accomplished dacht ik.”

rob 2Wat jong! Was je er toen al wel klaar voor?
“Nee. Achteraf gezien was ik veel te jong. Als je net van de middelbare school komt is het sowieso een grote stap om naar een dansacademie te gaan, want iedereen die daar ooit geweest is weet dat het er daar nogal hardcore aan toe gaat. De concurrentie, de strenge docenten, de waanzinnig hoge druk. Maar wat het voor mij vooral was, was het feit dat ik het ervoer als een cultuurshock om van het gemoedelijke, warme karakter van mijn vooropleiding in Tilburg ineens op het kille, strenge Codarts te komen. En zo zul je altijd zien, zodra ik mijn draai had gevonden in mijn eerste jaar werd er Pfeiffer bij me geconstateerd.”

Rob 4“Net zoals elke andere dansstudent was ik de eerste maanden constant uitgeput. Toch merkte ik dat ik er slechter aan toe was dan klasgenoten, moeilijk herstelde van repetities en veel fysieke klachten had. Toch was ik erg verrast door de diagnose. Ik zat ziek thuis en hierdoor miste ik veel lessen. Toen ik uiteindelijk genezen was stond ik voor een moeilijke keuze hoe ik mijn gemiste lessen en schooltijd zou inhalen. Ondanks de (zware) alternatieven om op Codarts te kunnen blijven, besloot ik te stoppen met de opleiding en mijn eigen pad te volgen. Ik was vastberaden om het te maken in de danswereld, maar dan wel op mijn eigen manier. Stilzitten is niets voor mij en zodra mijn beslissing gemaakt was heb ik in een korte tijd veel stappen gezet. Ik volgde een opleiding Pedagogiek, want ik wilde graag werken met kinderen in het onderwijs. Nog in datzelfde jaar besloot ik voor mezelf te beginnen en een eigen dansschool in de buurt te starten. Ik kreeg weerstand van anderen, maar heeft me nooit tegengehouden.”

“What doesn’t kill you, makes you stronger.” Bekend verhaal voor jou dus?
Eigenlijk wel. Bij een tegenslag ga ik niet bij de pakken neerzetten, maar wakkert het bij mij een soort strijdlust aan. Als ik er nu op terugkijk denk ik dat negatieve ervaringen voor mij ontzettend goed zijn geweest. Je moet gewoon een paar keer flink op je muil gaan als dansstudent en dansprofessional, want die weerbaarheid is essentieel om in dit werkveld te kunnen overleven én succesvol te zijn. Daarom was die ervaring bij Codarts bijvoorbeeld zo nuttig, de cultuurshock, maar ook om na mijn ziekte een risico te nemen door te stoppen. Ik geloofde in mezelf en dat doe ik nu nog steeds. Juist die tegenslagen zorgen ervoor dat ik wil gaan ondernemen en wat van mezelf wil maken. Mensen het tegendeel bewijzen zeg maar. Toen er in het centrum van Roosendaal ook nog eens een winkelpand vrij kwam, twijfelde ik dan ook geen seconde en besloot ik mijn droom om een danswinkel te openen, te verwezenlijken.”
Danstheaterwinkel 1

Je was in deze periode ook finale kandidaat van het RTL4 programma Sunday Night Fever, hoe ben je daarbij gekomen?
“Dat is eigenlijk een erg bizar verhaal. Ik had een profiel op een auditiewebsite staan en ik werd via hen gebeld voor een opdracht. Ze konden toen weinig over de inhoud zeggen, wat voor mij de reden was om de auditie te weigeren. Na verloop van tijd gingen ze steeds vaker bellen en ik bleef maar wegdrukken, omdat ik er geen zin in had. Uiteindelijk nam ik toch een keer op en konden ze me meer vertellen, waarna ik besloot naar de auditie te gegaan. Ik heb toen een stuk dans voorbereid en de jury was enthousiast. Ter plekke vroegen ze mij of ik ook stuk wilde zingen. Ik had sinds mijn musicallessen op mijn vaders school niet meer gezongen, toch ging ik ervoor en uiteindelijk kwam ik bij de laatste finale kandidaten terecht.”

Rob snf

Zie hier Rob’s versie van “I got life” tijdens een uitzending van Sunday Night Fever.

“Uiteindelijk duurde het hele avontuur bij Sunday Night Fever een half jaar, waarin ik het zeker naar mijn zin heb gehad en verschillende dans-, zang- en spellessen kreeg van waanzinnige docenten. Ik heb leren omgaan met de camera, iets waar ik totaal geen ervaring mee had. Ik moet toegeven dat het eigenlijk compleet gekkenwerk was dat ik meedeed, want ik had net de Danstheaterwinkel geopend en al mijn andere werkzaamheden kwamen hierdoor ook in de knel. Ik moest 5 dagen per week repeteren in Amsterdam, de tv-show doen en na een hele dag repeteren voor SNF deed ik dan in de trein de administratie voor de winkel en had ik overleg met mijn vrienden die in de winkel werkten. Toen ik niet meer in het programma zat, moest ik ongelofelijk wennen aan het hebben van een andere daginvulling. Weer een cultuurshock eigenlijk. Maar ik was blij om al mijn aandacht op de winkel te kunnen richten en daar een succes van te gaan maken. Ik nam geen tijd om bij te komen van alle indrukken, ik wilde door.”

Danstheaterwinkel 2Toen je de winkel eindelijk echt zelf kon gaan runnen, hoe was dat voor jou?
“Ik had zelf nauwelijks in de winkel gestaan door alle andere dingen die er toen speelden, dus ik moest voor mijn gevoel echt eerst kennismaken met de winkel en de klanten. Ik wilde het wel echt mijn winkel maken, maar dit bracht een aantal problemen met zich mee.”

Zoals?
“Je moet je voorstellen dat ik vooral door het feit dat ik naast de winkel ook een eigen dansschool run, sommigen van de 12 (!) andere dansscholen in de omgeving mij eerst zagen als concurrentie. Dus als Rob de danser/dansschooleigenaar en hierdoor kreeg ik in het begin weinig empathie, waarschijnlijk uit angst dat ik leerlingen zou gaan afpakken. Complete onzin natuurlijk. Zo kozen sommigen ervoor liever helemaal naar Papillon in Amsterdam te gaan, dan naar mijn winkel die om de hoek zit. Gelukkig kreeg ik ook veel support van mensen uit het werkveld en waren veel klanten gelijk enthousiast na een eerste bezoek aan de winkel.”

Danstheaterwinkel 4“Het gaat inmiddels goed met de winkel en mensen uit het hele land weten het te vinden. Afgezien van de ambitie om de winkel financieel gezien goed te laten lopen, heb ik ook als doel dat de winkel een neutrale plek is waar dansmensen voor advies en dansproducten kunnen komen, daar is mijn kennis, ervaring en achtergrond juist iets waar een klant zijn/haar voordeel mee doet. Zonder al te ‘cheesy’ te klinken, ik wil een aanspreekpunt zijn voor dans in de breedste zin van het woord. Concurrentie tussen dansbedrijven en dansers snap ik op zich wel, maar het is soms zo zonde. In de muziekwereld gaan muzikanten met elkaar ‘jammen’, delen ze elkaars passie en vullen ze elkaar aan. Iedereen is welkom. Die verbroedering mist in het dansvak voor mij nog te vaak, dat zie je ook tussen dansscholen en bijvoorbeeld op danswedstrijden. Dans moet toch niet gaan over competitie? In mijn winkel wil ik juist mensen met dezelfde passie samenbrengen. Met dit in gedachte begon ik 2 jaar geleden met Roosendaal Danst.”

Wat houdt Roosendaal Danst in?
“De eerste editie van Roosendaal Danst begon als een spontane manier van mij om te zorgen dat dansscholen uit de omgeving samen zouden komen, zonder een wedstrijdelement, maar om hen een podium te bieden om elkaar en de stad te laten zien hoe tof dans is. Geen concurrentie, geen achterbaks gedoe, het werd een feest waar we dans simpelweg vierden. Dat was zo’n succes dat de gemeente en ik de handen ineen hebben geslagen om het grootser aan te pakken. Roosendaal Danst is hierdoor dit jaar uitgegroeid tot een drie-daags dansfestival wat plaatsvindt op 26, 27 en 28 september op verschillende locaties in de stad. Zowel amateurs als professionele dansers (o.a. Scapino Ballet) zullen optreden, er zijn vele workshops te volgen en de hele stad zal in het teken staan van dans. Ik ben zó trots, ik kan het nog steeds niet geloven dat dit alles gaat plaatsvinden. Dit is precies waar ik voor wil staan: dans zichtbaar maken, dans delen met iedereen en dans gebruiken als middel om samen te komen.”

Rob en MartineJe bent eigenlijk 10.000 dingen tegelijk aan het doen, kom je nu nog wel een beetje aan jezelf toe?
“Mwuah, niet echt. Maar weet je, dit alles geeft me zoveel energie. Voor mij is er niets mooier dan wat ik nu allemaal aan het doen ben. Dans zorgt ervoor dat ik me kan uiten, dat is zo’n waardevol gegeven, dat gun ik iedereen. Waar ik ook ook van geniet is het dansen met mijn vriendin Martine, hoewel door de drukte daar nu minder tijd voor is. Dansen met haar inspireert me en motiveert me om door te gaan. We treden als duo op tijdens evenementen en projecten, samen improviserend, heerlijk. Dansen met je geliefde is het ultieme toch? Haha, ik denk van wel in ieder geval.”

Waar hoop je mee bezig te zijn over 5 jaar?
“Ik hoop dat ik nog steeds met veel plezier én succes bezig ben met mijn winkel, de webshop en dat Roosendaal Danst een jaarlijks (en groots) terugkerend evenement is. Verder vind ik het al spannend genoeg om te bedenken waar ik over een jaar sta, dus zo’n lange tijd voelt gek om over na te denken. Hoe dan ook, ik hoop net zo happy te zijn als nu.”

Wil je meer weten over Rob, Roosendaal Danst en de Danstheaterwinkel? Zie hier de Facebook pagina van Roosendaal Danst en hier de website van de Danstheaterwinkel. Als laatste heb ik hem gevraagd welke dansers, choreografieën en muziek hem inspireren. Zie hieronder Robs aanraders!

Dans:

Muziek:

Heb jij een suggestie voor een Ondernemende Danser die ik moet interviewen voor Dance Talk? Plaats een berichtje onder het artikel!

Op de hoogte blijven van alles rondom Dance Talk? Hier kun je me vinden:
X Twitter: @Dancetalk_Blog
X Facebook: Dancetalk
X Instagram: Dancetalk_nl

 

facebooktwittergoogle_pluspinterest

2 reacties

  1. leuk interview. Op naar Roosendaal.

  2. Pingback: Lisa Test…: Capezio Halter Leotard | Dance Talk

  3. Pingback: Bekend van… niets | Dance Talk

  4. Hi, leukleuk!

    Idee?: sjannie vos, ruim 70jaar, sterke visie op dans, biografie en lesmethodiek in werkboek geschreven, deventer, sjannievosdanscollectief. Maakt nog elk jaar een kleine dans productie.
    Google maar op :danscollectief sjannie vos

    Buurvrouw van me, ik heb ih verleden ook eea aan pr en marketing gedaan voor haar boek voorstelling.
    Hartelijke groet, angeline hendriks

Laat een reactie achter